Bob en Wesley’s: dat beetje kleur aan je wekelijkse autoverhuur

Spreid de gekte!

Verhuur je auto, help anderen en verdien je autokosten terug! Sinds een half jaar verhuur ik mijn auto via Snappcar en het is een bron van avontuur gebleken. Meestal is het natuurlijk saai. Dan komen mensen keurig hun afspraken na, rijden nergens tegenaan en smokkelen geen vluchtelingen over de grens in je achterbak. Maar soms heb je een Bob of een Wesley, die net dat beetje kleur aan je wekelijkse autoverhuur geven.

Zo lijkt Bob een voorbeeldige huurder. Blonde kuif, stevige kwaliteit haargel en strak gestreken overhemd. Zo’n type waarvan je verwacht dat hij iedere dag in de file naar kantoor staat en weet hoe een auto werkt. Bob stelt niet teleur. Op het afgesproken tijdstip staat mijn auto weer keurig afgetankt op zijn plek. Precies op tijd voor een ritje naar Rotterdam. Terwijl ik verwoede pogingen doe Radio 538 uit mijn auto te tunen, rijd ik soepel de oprit naar de A12 op. Plotseling zie ik een auto vol kerels naast mij rijden. De ramen zijn open en ze gebaren en schreeuwen naar me. Normaal gesproken negeer ik dit soort types, maar nu draai ik toch het raampje open. ‘Je motorkap staat open!’ roept een stevige man vanaf de passagiersstoel. Verschrikt kijk ik door mijn voorruit en hoor de man echoën: ‘Als je zo optrekt naar 120 vliegt hij door je voorruit.’ In één ruk stuur ik mijn rode Toyota de vluchtstrook op en klim aan de passagierskant de auto uit om de motorkap dicht te duwen. Bob had per ongeluk de motorkaphendel verward met de benzinedophendel. Kan gebeuren, Bob. Gelukkig ben je geen Wesley.

Wesley is al drie kwartier te laat, als hij eindelijk belt op vrijdagmiddag: ‘Ik sta te wachten bij een groene Toyota, waar ben jij?’ Wesley is al niet meer mijn favoriete persoon, maar ik vertel hem kalm dat ik bij de rode Toyota sta. Die ene die hij gehuurd heeft voor zijn weekendje Sneekweek. Als Wesley zijn slachtoffer voor het weekend eindelijk gevonden heeft, leg ik hem snel uit hoe alles werkt en vertel hem dat hij moet inchecken met de Snappcar app. Een simpele procedure, bestaande uit vijf schermpjes: het startscherm met de knop ‘Beginnen’, dan de kilometerstand, de aanwezige schade, het brandstofpeil en de rijbewijscontrole. Het gaat meteen fout. Wesley drukt op de knop, stopt de telefoon terug in zijn broekzak en is klaar om in te stappen. Nee, nee, lieve, chaotische, sullige Wesley, met de knop ‘Beginnen’ bedoelt Snappcar beginnen met inchecken, niet beginnen met autorijden. Terwijl Wesley de grootste moeite heeft tijdens de rest van de procedure zijn telefoon uit zijn broekzak te houden, probeer ik zo subtiel mogelijk de grootte van zijn pupillen en de kwaliteit van zijn adem vast te stellen. Mijn gedachten dwalen af naar Sneekweek. Wat een lullig einde voor een prima auto.

Nadat ik mijn autosleutels aan Wesley heb overgedragen en hij na tien minuten klooien eindelijk wegrijdt van de parkeerplaats, word ik verscheurd door twijfel. Had ik de verhuur niet ter plekke moeten weigeren? Maar op basis waarvan? Ik had niet de indruk dat hij onder invloed van iets was en hij had een geldig rijbewijs. Had ik moeten zeggen: ‘Sorry Wesley, geen Sneekweek voor jou, want je bent een idioot’?

En ja hoor. Een paar uur voor de geplande wederkomst van Wesley op zondag, komt het gevreesde telefoontje. ‘Ja hoi, ja uhh.. de auto start niet meer.’ Wesley vertelt de auto zonder problemen geparkeerd te hebben op vrijdag, dus geen flauw benul te hebben waarom de auto nu kuren heeft. Ik vraag hem of de accu misschien leeg kan zijn, maar dat blijkt een vraag waar hij geen antwoord op kan geven. Ik besluit het anders te formuleren. ‘Heb je de lichten misschien aan laten staan?’ Terwijl ik uit blinde frustratie mijn servies al mentaal op de grond smijt, hoor ik Wesley uitleggen dat hij met stadslicht heeft gereden, maar de auto gewoon met de sleutel heeft uitgezet. Ah ik begrijp het. Wesley kan natuurlijk ook niet weten dat in een Toyota uit 2002, je alles met de hand moet aanzetten, uitzetten, opendraaien en op slot moet zetten. In een volgend pijnlijk moment leg ik Wesley uit wat startkabels zijn en dat sommige mensen die in hun auto hebben liggen. Hij pikt het goed op en zegt zelfverzekerd dat hij wel kan rondvragen in Sneek. Ik ben trots. Trots op Wesley en zijn bloeiende assertiviteit en trots op mijzelf omdat ik voor het eerst in mijn leven over meer autokennis beschik dan de willekeurige ander. Een paar uur later staat mijn auto weer op de parkeerplaats in de buurt en is Wesley godzijdank uit mijn leven verdwenen.

Wesley en Bob mogen van mij voortaan op de fiets, maar Snappcar.. Wat een topidee!

2 Reacties

  1. Hoi Sylvie,
    En trots kan je zijn!!

    Op je autokennis, maar vooral op de luchtig geestige kwaliteit van je blog! En op de kwantiteit van je werk al op deze url.

    Ik ben jaloers!
    Was leuk een module met je gedaan te hebben,
    Schrijfze verder!
    Wilco

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *